Oprichting Centaurus A

Het begint met een brief geschreven op 21 februari 1962 door pater J. de Kort aan het Bureau van de Vereniging van Weer- en Sterrenkunde in Den Haag. Pater de Kort is dan werkzaam op het Sterrenkundig Instituut, Faculteit Wiskunde en Natuurwetenschappen der Katholieke Universiteit. In deze brief deelt hij mee dat er plannen zijn om in Nijmegen te komen tot een oprichting van een plaatselijke afdeling van de Vereniging voor Weer- en Sterrenkunde. Hij vraagt aan de vereniging een lijst van leden die in Nijmegen of omgeving wonen.

Kennelijk krijgt hij de beschikking van een lijst met 23 namen, want kort daarop verstuurt hij diverse brieven naar deze potentiële leden. Daarin vraagt hij aan de ontvanger of deze eventueel lid zou willen worden, zich actief bezig houdt met sterrenkunde of uit hoofde van diens ambt of functie kan bijdragen tot het werk van de op te richten afdeling in Nijmegen.

De volgende brief dateert van 4 mei 1962. Daarin schrijft de pater dat hij waarschijnlijk een secretaris heeft gevonden.. Het oprichten van een afdeling in Nijmegen was zeker geen sinecure, uit diverse brieven blijkt dat met name het bepalen van de afdelingsgrenzen een hele opgave is.

Op vrijdag 12 oktober 1962 vindt dan de oprichtingsvergadering plaats in het Universeel Laboratorium van de R.K. Universiteit aan de Driehuizerweg in Nijmegen. De omringende afdelingen en het bestuur van de landelijke vereniging zijn daarbij ook uitgenodigd. Op deze avond geeft de heer dr. Houtgast de allereerste lezing, met “lichtbeelden”, getiteld: “Nieuws over het interplanetaire magnetische veld”.

Tijdens de oprichtingsvergadering is het mogelijk om als lid in te schrijven. De ledencontributie is vijf gulden per jaar.